De bemoeienis van de overheid met het onderwijs kent al een geschiedenis van ruim 200 jaar!
Heeft de overheid in het onderwijs alles voor het zeggen? Ruim tweehonderd jaar geleden begon de staat het onderwijs meer en meer van een nationaal sausje te voorzien. In de onderwijswet van 1801 trok de Nederlandse overheid zich voor het eerst de zorg voor het onderwijs aan en dacht er de enige en allesbepalende bestuurder van te worden. Zover kwam het niet.
De rol van de overheid zal ten opzichte van 1801 in de loop der jaren wel (flink) groeien. De overheid trad niet alleen op in het kader van de inhoud en kwaliteit van het onderwijs, meer steeds meer als financier. Ok stelde de overheid tegelijk steeds meer regels vast, maar van een situatie van allesbepaler in het onderwijs kwam het niet.
Toch zie je vandaag de dag op een groot aantal dossiers de rol van de overheid weer sterk toenemen. Vaak ook ingegeven door de rol als financier. De laatste tijd gaat de discussie dan vooral om het aantal uren les. Wie kent de discussie in het voortgezet onderwijs niet, waar het gaat om 1040 uur of 100o uur les. De leerlingen en docenten hebben ook zo hun mening. In het middelbaar beroepsonderwijs wordt de discussie gevoerd over de 850 urennorm bij dagonderwijs en de 300 urennorm bij het werken & leren. Wat gaat de politiek doen na 9 juni? Wordt de greep versterkt, of laat men de professionals aan het werk. Zij weten immers wat het beste is.



