Iedereen kent wel van vroeger of nu klasgenoten die erg vervelend konden zijn tijdens de les. Er zaten en zitten altijd wel een of twee van die lui in een klas. Nu zijn dit niet altijd jongeren die niet kunnen leren en
daarom snel zijn afgeleid. Het zijn ook jongeren die gewoon het allemaal al wel weten. Deze jongeren vallen veelal onder de categorie hoogbegaafd. Docenten hebben de neiging deze hoogbegaafde leerlingen in vooral de brugklas negatief te benaderen. Dat geldt vooral voor jongens en in mindere mate voor meisjes. Â
De leraren denken dat deze kinderen door hun ouders gepusht zijn. Door die houding kijken klasgenoten ook negatief naar deze kinderen, die vaak een klas hebben overgeslagen op de basisschool. Dit blijkt uit een onderzoek van psycholoog Lianne Hoogeveen. Volgens Hoogeveen ondervinden kinderen die een klas overslaan, daar later geen sociaal-emotionele problemen van. Maar vooral jongens kunnen in de eerste klassen van het voortgezet onderwijs wel met sceptische docenten te maken krijgen en zich mede daardoor ongelukkig voelen in de klas. Wie kent ze niet die docenten van vroeger en nu die zich altijd op dezelfde leerlingen richten. Over het algemeen met een negatieve insteek.
Sommige leraren vinden dat kinderen die een of twee jaar jonger in de brugklas terecht komen, daar niet op de juiste plek zijn. Ze zijn tegen het versnellen van de opleiding in de tijd. Of dit nu de basisschool is of……. Ze zijn gewoon tegen. Overigens is wetenschappelijk vastgesteld dat versnellen geen negatieve gevolgen heeft op de verdere ontwikkeling van het kind.
Meisjes
Hoogbegaafde meisjes krijgen minder negatieve opmerkingen, aldus de onderzoekster. Ze verklaart dat door te stellen dat meisjes zich beter kunnen aanpassen aan de eisen van een groep. Ook ontwikkelen meisjes zich fysiek sneller, waardoor het verschil in uiterlijk met oudere klasgenoten minder zichtbaar is. Het Nijmeegse Centrum voor Begaafdheidsonderzoek (CBO) werkt met anderen aan een cursus hoogbegaafdheid voor pabostudenten. Ook geeft het CBO nascholingscursussen voor docenten.




5 reacties op “Docenten hebben moeite met hoogbegaafde jongens”
dat is nou het nadeel van specialisatie. je doet dan maar aan een ding, en daar wordt je steeds beter in.
Het gevolg van te weinig stimulans op school is gedragsproblematiek. Jammer, we zouden hierop kunnen inspelen door ons meer bezig te houden met kinderen en of ze wel voldoende positieve prikkels krijgen. Als het voor een kind in groep 3 al heel makkelijk is om te lezen, of vanaf groep 4 om te rekenen, dan moeten we de lesstof hierop aanpassen i.p.v. het ondergestimuleerde kind te verplichten om mee te doen. Want hierdoor groeit inderdaad de gedragsproblematiek. Onderstimulatie…
Klopt zeer zeker.
Hoogbegaafde jongens zoeken hun grenzen op als de school niet boeiend genoeg voor ze zijn. Ze leren dan op jonge leeftijd al snel hoe ze men kan manipuleren, hoe ze het best iemand kan treiteren, of gedragen zich als een rebel, dus met andere woorden school interesseert hun niet meer.
Daarom is het belangrijk dat de leraren en leraressen niet alleen weten hoe ze lesstof moeten overbrengen, maar ze moeten psychologisch ook getraind zijn. Want nu herkennen ze vaak de symptomen van hoogbegaafdheid niet en weten ze niet hoe ze ermee moeten omgaan.
de hoogbegaafden van nu konden in mijn tijd nog nét naar de havo
Al googelend over de gevolgen van versnellen (we staan aan de vooravond van een beslissing hieromtrent voor onze 5 jarige dochter) kwam ik dit artikel tegen. Ik ben erg benieuwd naar de wetenschappelijke onderzoeken die hebben aangetoond dat versnellers later geen (niet eerder) sociaal-emotionele problemen krijgen en geen negatieve gevolgen ondervinden aan het overslaan van een groep. Kunt u mij misschien laten weten waar ik meer informatie over deze onderzoeken kan vinden?