Hoe gaat de bemoeienis van de politiek met competentiegericht onderwijs uitpakken?

politiek & onderwijs: positieve samenwerking?
De afgelopen week is de invoering van competentiegericht onderwijs in het MBO volop ter discussie gesteld. De inhoud van het debat van de afgelopen week doet mij de schrik om het hart slaan. Duidelijk wordt wel: Competentiegericht onderwijs voldoet niet aan de criteria, die Dijsselbloem opstelde voor onderwijsvernieuwing. Deze week debatteert de 2e kamer over haar bevindingen naar aanleiding van een eigen parlementair onderzoek over invoering van competentiegericht onderwijs. Had Dijsselbloem niet bewezen, dat de politiek ver weg moet blijven van de wijze waarop het onderwijs het leren vorm geeft?
De politiek en onderwijs. Ik wordt daar niet vrolijk van. De commissie Dijsselbloem noemde in haar aanbevelingen een jaar geleden o.a. de noodzaak om vernieuwing wetenschappelijk te onderbouwen. In een artikel in het NRC van zaterdag jl. wordt de wetenschappelijke onderbouwing van competentiegericht onderwijs in twijfel getrokken. De voormalig minister van onderwijs, Loek Hermans stelt, dat er wel degelijk een wetenschappelijke onderbouwing was voor competentiegericht onderwijs. Alleen kan hij zich niet meer herinneren welk wetenschappelijk bewijs dat dan was. “Dat heb ik inmiddels van mijn harde schijf gewist. Maar ik kan me niet voorstellen dat we het zomaar hebben ingevoerd”. Zeg dan niets!
De politiek en onderwijs. De eerste geluiden uit de kamer over het onderzoeksrapport wijzen op een richting, waarin de politiek zich gaat bemoeien met de invoering. De PvdA wil wachten tot alle docenten goed zijn voorbereid. De sociaal democraten gaan zelfs zo ver, dat ze willen wachten tot de onderwijs-CAO is aangepast aan competentiegericht onderwijs. De SP gaat nog een stap verder en stelt dat de invoering van het competentiegericht onderwijs moet worden stopgezet. Eerst moeten alle betrokkenen in een onderzoek worden bevraagd naar de gewenste inrichting en vernieuwing van het MBO. De VVD is vóór invoering, maar wil, dat staatssecretaris Van Bijsterveld de regie helemaal naar zich toetrekt.
De politiek en onderwijs. Politici in de 2e kamer discussiëren over competentiegericht onderwijs alsof de invoering nog moet gaan plaats vinden. Naar mijn mening is dát helemaal geen issue meer: al meer dan de helft van de leerlingen in het MBO hebben te maken met Competentiegericht onderwijs. De discussie kan niet meer gaan over of deze onderwijsvernieuwing moet plaats vinden, maar welke voorwaarden voor verbetering vatbaar zijn door politieke interventie. Als dat het uitgangspunt is voor de discussie dan kan het competentiegericht onderwijs misschien nog haar voordeel doen met de politieke bemoeienis.
Laten we hopen, dat ze de belangrijkste conclusie van een jaar geleden (commissie Dijsselbloem) niet is vergeten: de politiek is er om te bepalen wat geleerd moet worden, het onderwijs bepaalt zelf wel hoe het onderwijsproces wordt ingericht.




6 reacties op “Stop de onderwijsvernieuwing!…..?”
Waarom zou de politiek zich alleen mogen bezig houden met het richten van het (V)MBO onderwijs, en niet met het inrichten ervan of, nog verder, de verrichtingen daarin?
Dan wordt wellicht een einde gemaakt aan de extensivering van opleidingen binnen het (V)MBO.
En zal serieus gecontroleerd gaan worden of leerkrachten over de vereiste diploma’s beschikken.
Het gaat niet alleen om de kwaliteit van de onderwijsmethode, maar ook om de kwaliteit van het management en van de leerkrachten om te realiseren wat onze samenleving aan onderwijsvernieuwing wil.
Wat heeft u er als ouder aan dat uw kind van leerkrachten die niet aan de gewenste normen en waarden voldoen, onderwijs moet krijgen?
Beste Bart, Je schetst een beeld van onderwijs, wat ík nog nergens ben tegen gekomen (en neem van mij aan, dat dat niet komt omdat ik weinig ervaring heb in het onderwijs). Daarnaast wijs je terecht op de controlerende taak van de overheid. Daar ben ik mee eens. Maar hoe je onderwijs geeft is het domein van de profesionals in het onderwijs: het management en docenten op de scholen.
Helemaal eens Wim, het wat en het hoe moet je scheiden. Toch interessant wie er allemaal aandeelhouder is van de hoe vraag. Zijn er nog meer stakeholders te bedenken naast de school?
Niet helemaal met Wim eens….of is het “helemaal niet met Wim eens”?
Ik ken het MBO ook redelijk…..en zie toch erg veel docenten die absoluut niet vallen binnen de definitie van professional (met dank aan Everard van Kemenade voor het literatuuronderzoek en de definitie):
- een hoogopgeleide (Mintzberg, 1979; Van Delden, 1992),
- gedreven (Kerr et al., 1977; Weggeman, 1977),
- sterk autonome vakman (Van Delden, 1990 en 1992; Ramondt & Scholten, 2005; Hoyle, 1980; Terpstra, 2005 en 2006; Weggeman, 2007),
- wiens – veelal persoonsgebonden en gespecialiseerde – kennis (Schön, 1987)
- productiefactor is (Mintzberg, 1979; De Swaan, 1986; Nonaka & Takeuchi 1995; Polanyi 1996; Kwakman 1999; Drucker 2000 en 2005; Wijffels 2005; Terpstra 2005 en Weggeman, 2007),
- en die zich lid voelt van een beroepsgroep (Weggeman, 2007).
Ander aspect: inderdaad zijn al veel instellingen/opleidingen erg ver met de invoering van CGO. Wel jammer dat veel kenniscentra achterblijven met hun kwalificatieprofielen. Hoe kun je nu nieuw onderwijs toetsen met oude niet-competentiegerichte examens? Misschien de macht van de kenniscentra en (MBO-)raden eens inperken? Dat lijkt me wel een politiek issue! Bovendien gaat het om maatschappelijk geld en dus per definitie om een ontwikkeling die politieke aandacht vraagt.
By the way: Loek Hermans kan inderdaad beter zijn mond dicht houden met dit soort opmerkingen…..
Beste Jeroen en Leon,
Leon heeft een interessant punt te pakken: andere stakeholders zoals de kenniscentra en MBO-raad hebben grote invloed op de invulling van competentiegericht onderwijs. En zoals Leon terecht concludeert: dat is niet altijd positieve invloed (de genoemde kwalificatieprofielen zijn een goed voorbeeld: daarmee zet je invoering van CGO onder druk. Misschien dat hier dan toch politiek en onderwijs gezamenlijk ten strijde kunnen trekken!
En overigens Leon ben ik ook wel weer met jou eens: in sommige professionele organisatie zijn er professionals die minder professional zijn dan anderen.
Beste Wim,
bij (V)MBO instellingen in Den Haag, Gouda en Leiden hebben zij concreet ervaren wat ik heb gepresenteerd. Zonder dat in getuigschriften of iets dergelijks ‘voor de volgende werkgever’ te vermelden (want dat mag officieel niet).
Leuk voor jou zo’n nieuwe collega ,als jouw werkgever zo’n leerkracht aanneemt.
Hoe op dit niveau les wordt gegeven: waarom zijn de ouders geen belangrijke ’stakeholder’? Zij reageren vooral vanuit het perspectief op een goede baan later voor hun kind.
Wat is er daarom mis om ouders een gelijkwaardige inspraak te geven als aan al die (vermeende) professionals, als het gaat om de zovvelste onderwijsvernieuwing?